liefste belle,
ik heb gepoogd je affaire met Frans uit mijn hoofd te zetten maar het lukt me niet. ik had gehoopt dat je vanmorgen een gebaar ging stellen, dat je die link op je x93bellenx94 zou hebben verwijderd, of me minstens een morgengroet zou hebben gebracht. ik had een teken van je verwacht maar ik heb het niet gezien.
ik kan die situatie niet aan. ik voel me niet op mijn gemak en alles is veranderd. ik kan niet meer argeloos en liefdevol aan je denken als een compagnon die hoewel ver van mij, toch heel dicht is. ik voelde de voorbije weken geen aandrang me in te laten hoe je je dagen doorbracht en ik dacht aan je bezigheden met plezier. nu zie ik je op je ronde van hier naar daar even rap binnenglippen bij die Frans om er dingen te zeggen of te doen waarmee ik niet kan leven. ik voel me belaagd en bedreigd door een permanent gevaar gekwetst te worden. ik sta weer met twee benen in een wereld van schijn, bedrog, wantrouwen, een wereld waar ik drie jaar geleden met succes afstand van genomen heb.
dat ik gisteren alcohol heb opgehaald is een veeg teken. ik heb geen zin terug aan de drank te geraken of me weer onder de medicatie te moeten stoppen.
ik kan je sinds gisteren niet meer vrij en onbevangen tegemoet treden. ik heb mijn best gedaan je situatie te begrijpen en intellectueel lukt me dat best, maar gevoelsmatig heeft het ganse gebeuren mijn vermogen om grappig en speels met je om te gaan gefnuikt. ik kan in de dag niet meer aan je denken als mijn kleine bewaarengel. ik kan geen trein opstappen of met de auto naar Hasselt rijden en rekening moeten houden met de kans dat die pijn misschien nog aangedikt wordt.
ik heb gisterennacht aan de telefoon nog de houding kunnen aannemen dat ik er allemaal een spons kon over vegen. dat kan ik ook. maar mijn belle is mijn belle niet meer.
je kon misschien niet weten dat ik van een andere wereld was en dat ik tot een andere mensensoort hoor. even heb ik in de illusie geleefd dat ook jij tot die andere mensensoort behoorde en de twee, drie laatste weken zijn heel mooi geweest en ik ben heel gelukkig geweest en blij geweest.
ik sta nu voor de keuze: opnieuw ten onder gaan en leven in het voortdurend gevaar gekwetst te worden, in de dagelijkse achterdocht dat je daar in Hasselt achter mijn rug dingen doet waarmee ik me niet kan verzoenen of zoals steeds in mijn leven nieuwe illusies op te zoeken terwijl ik mijn katten streel en me bezig hou met verhevener zaken. ik heb drie jaar als een kluizenaar geleefd, bevrijd geweest van de tirannie afhankelijk te zijn van de liefde van een vrouw, en al bij al zijn het de gelukkigste jaren van mijn leven geweest. mijn fantasie en mijn "stripverhalen" geven me meer plezier dan het vocht van lippen waarvan ik niet weet of ze dubbele taal spreken of wat de betekenis is van hun uitgesproken verlangen. ik heb tien jaar geen seks gehad en ik heb niet het gevoel gehad iets gemist te hebben.
ik word gekweld door de angst dat verder gaan met je me in een diep ongeluk zal storten, meer zelfs: dat het er nu voor me op aankomt mijn leven veilig te stellen. in zijn geheel genomen heeft dit niets met jou als persoon te maken: ik had ongetwijfeld hetzelfde voorgehad was je iemand anders geweest. je hoeft je dus niets te verwijten. het is een keuze of ik me nog wel wil inlaten met mensen.
een afspraak maken voor het komend weekend is me overleveren aan een kwelling die me deze ganse week niet zal loslaten. ik kan dat niet aan, het spijt me. ik had gehoopt me te kunnen overgeven aan de rust van je bestaan, een poging te ondernemen om opnieuw te leven met iemand van vlees en bloed. ik vrees dat ik mijn ongeluk tegemoet ga en dat ik me beter houd bij boeken, tv-beelden en fantasiexebn. er is in mijn hoofd meer te beleven dat in de dorpen en steden van dit land. ik heb alvast het Festival afgezegd, ik heb daar niets te zoeken.
het is vermoedelijk voor jou allemaal veel erger dan voor mij. jij hebt nog amper geleefd. jij moet het doen met voortijdig gestopte studies, een loos huwelijk en de herinnering aan een non-relatie met een kleinburgerlijk heerschap (en ik begin je schaamte daarover te begrijpen). ik ben nu 60, bijna 61, en kan terugkijken op een leven waaruit ik het maximum heb gehaald: ik heb het Goed en Kwaad gezien, het Geheel en de Delen aanschouwd, omgegaan met het Kind, de Man en de Vrouw. ik heb in de hoogste middens vertoefd en ‘s avonds geleefd tussen arme turken, aziaten en afrikanen. ik heb Limburg en de wereld gezien: het was misschien mooi geweest om de laatste tien, twintig jaar terug te keren tot dat Limburg dat nog altijd diep in mijn hart leeft als de foto van mijn moeder op mijn schouw en de nagedachtenis van een vader die als twee arme misdeelde sukkels die wreed en onrechtvaardig konden zijn maar er toch maar voor gezorgd hebben dat ik mij een leven heb gemaakt dat velen mij benijd hebben. ik heb gedaan wat Willem Elsschot door zijn motto ‘Tussen Droom en Daad staan wetten, en praktisch en bezwaren’ als kleinburgerlijke nulliteit niet heeft gekund. ik heb de Wetten en de Praktische Bezwaren gelaten voor wat ze waren: hersenspinsels die niet meer waren dan deze die ik me zelf kon uitvinden en als zelf gekozen richtlijnen van mijn leven kon aanwenden, in plaats van mij als een slaaf te moeten schikken naar de bevelen van meesters die toch niets goeds met me voor hadden.
vanavond zal je vermoedelijk in je brievenbus June 1, 1974 hebben gevonden met Nico’s The End. het was bedoeld als iets dat ons gemeenschappelijk zou zijn, iets dat je kon naar luisteren als het eerste tastbare dat niet van mij was, maar van ons. The End als het Begin van iets nieuws. zoals de bloemen die ik je heb gestuurd. het zal nu een wrang geschenk worden:
This is the end, beautiful friend,
This is the end, my only friend.
The end of our elaborate plans,
The end of everything that stands,
The end, no safety no surprise,
The end, I’ll never look into your eyes again.
ik heb het nu ook even opgezet, om te genezen van een pijn, als therapie. om me morgen weer te begeven in nieuwe avonturen: want de wereld van de fantasie is zo rijk: alles is er mogelijk, alle verlangens worden er voldaan.
je hebt me drie weken doen dromen: ik ben je daar heel dankbaar voor. niemand heeft me dit de laatste tien jaar kunnen geven.
de werkelijke mensen, de mensen van vlees en bloed, met hun gewassen auto’s, hun gestofzuigde livings en hun gazon waarop hun kinderen niet mochten spelen, hun ogen die niet in de mijne durfden kijken en hun vingers die uit zenuwachtigheid de rand van de tafel vasthielden: die mensen hebben me veel pijn gedaan. ik heb altijd gehoopt dat ik mee kon werken aan een betere wereld dan deze waarin mijn ouders me hebben moeten opbrengen en waaraan mijn vader is ten ondergegaan. het heeft er even naar uitgezien dat dat allemaal zou lukken, maar de laatste tien jaar gaat het in dit land en in de wereld verschrikkelijk bergaf op alle vlakken. het heeft er even naar uit gezien dat we elkaar allen als medemensen konden zien, maar tegenwoordig zijn we allen weer mensen die niet lievers doen dan elkaar de duvel aandoen. ik ben blij dat ik dat "even" als een mogelijkheid en als een bijna bereikte werkelijkheid heb mogen beleven. ik draag het mee in mijn fantasiexebn, niet herkenbaar voor niemand: als een geheim tussen mij en mezelf. als een ring aan mijn vinger waarvan niemand weet wie mij die cadeau heeft gedaan. en ik zal zwijgend sterven zoals ik het mij meer en meer voorneem. als een lijk dat hier in mijn huis weken lang zal verrotten tot xe9xe9n of andere idioot, een deurwaarder of een schuldeiser de deur van mijn woning forceert. met mijn treurende katten die uit gebrek aan hun vertrouwd voedsel stukken vlees rukken van mijn lijf.
ik heb geen mensen meer nodig, belle. ik doe het steeds beter zonder hen. de postbode is een simpele hand geworden die brieven in de bus stopt, de GB-kassierster een metalen kassa, mijn poetsvrouw niet meer dan een foto van mijn verblijf in Azixeb, mijn vrienden geluiden aan de telefoon en letters op mijn mailbox. ik moet hun vlees en bloed niet meer. ik heb genoeg vlees en bloed gezien: nu wil ik in mijn hoofd realiseren wat in de werkelijke wereld jammer genoeg niet mogelijk is gebleken.
ik had me voorgenomen veel en alles met je te delen. maar alles lijkt me vergiftigd. ik zal straks een uurtje huilen, in de wetenschap dat dat heilzaam is en dat het mijn lichaam zuivert. ik zal je foto hier op mijn bureau niet wegnemen: ik heb hem er eens neergezet en hij zal er altijd blijven staan. als een teken van wat mogelijk is, van een mogelijkheid die ik met alle naamloze mensen op de wereld deel.
allez, een dikke kus. ik ga nu voor de rest van de dag wat zelfmoord plegen.
waldo